ECLI:NL:CRVB:2004:AS2045
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding brilkosten voor oorlogsgetroffene wegens ontbreken verband met vervolging
Eiseres, erkend als oorlogsgetroffene, verzocht om vergoeding dan wel tegemoetkoming in de kosten van een bril. Deze aanvraag werd door de Pensioen- en Uitkeringsraad afgewezen omdat de oogklachten niet in verband werden gebracht met de vervolging tijdens de oorlog.
De Raad nam het standpunt van de geneeskundig adviseur over, die op basis van medische informatie oordeelde dat de oogklachten constitutioneel en leeftijdsgebonden waren, mede gezien het feit dat de bril werd voorgeschreven na een staaroperatie in januari 2003.
De Raad kon geen aanwijzingen vinden die het standpunt van de verweerster onjuist maakten en oordeelde dat de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 alleen vergoeding biedt voor kosten die verband houden met uit de vervolging voortvloeiende aandoeningen.
Daarom werd het beroep van eiseres ongegrond verklaard en werd geen vergoeding toegekend. Tevens werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van vergoeding van brilkosten wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van verband met de vervolging.