ECLI:NL:CRVB:2004:AS2069
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongegrondverklaring bezwaar wegens niet tijdig indienen en weigering uitstel betaling premienota's taxichauffeurs
Appellant stelde bezwaar in tegen nota’s van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) betreffende sociale verzekeringspremies over de jaren 1996 en 1997. De rechtbank verklaarde dit bezwaar ongegrond omdat appellant de bezwaartermijn van zes weken niet had gerespecteerd. De Centrale Raad van Beroep behandelde het hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad overwoog dat de nota’s terecht aan het oude adres van appellant waren verzonden, omdat appellant nagelaten had zijn adreswijziging aan gedaagde door te geven. Hierdoor was de termijn voor het indienen van bezwaar correct gestart en was de overschrijding niet verschoonbaar. Ook het verzoek om uitstel van betaling werd afgewezen, conform eerdere jurisprudentie over de verzekeringsplicht van taxichauffeurs.
Gezien deze overwegingen bevestigde de Raad het vonnis van de rechtbank en wees het beroep van appellant af. Er waren geen gronden om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdig indienen en het verzoek om uitstel van betaling wordt afgewezen.