ECLI:NL:CRVB:2005:AS2035
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- T. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wegens ontbreken oorlogsgeweld
Eiser, geboren in 1942 in het voormalige Nederlands-Indië, vroeg erkenning als burger-oorlogsslachtoffer op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (WUBO). Hij stelde dat hij tijdens de Bersiapperiode onder levensbedreigende omstandigheden geëvacueerd werd en geïnterneerd was in kamp Mendjangan.
De Raad concludeerde dat niet is komen vast te staan dat de evacuatie als een calamiteit in de zin van de WUBO kan worden beschouwd. Ook het verblijf in kamp Mendjangan, bedoeld als opvang voor vluchtelingen, valt niet onder de Wet. De omstandigheden die eiser aanvoert zijn onvoldoende om erkenning te rechtvaardigen.
Verder oordeelde de Raad dat een medische beoordeling niet aan de orde was omdat niet is vastgesteld dat de gebeurtenissen onder de werking van de Wet vallen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.
De Raad ziet geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten en spreekt het vonnis uit in aanwezigheid van de voorzitter, leden en griffier.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wordt ongegrond verklaard.