ECLI:NL:CRVB:2005:AS3137
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- C. aan Viegen
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag bedrijfskapitaal wegens niet-levensvatbaar bedrijf
Appellante heeft op 7 mei 2001 een aanvraag ingediend voor bijstand ter voorziening in bedrijfskapitaal van f 125.000,-- voor haar detailhandel in antiek en kunst. Het IMK bracht op verzoek van gedaagde een advies uit waarin werd geconcludeerd dat het bedrijf niet levensvatbaar is en dat de kredietbehoefte hoger is dan het aangevraagde bedrag.
Gedaagde wees de aanvraag af op grond van artikel 8, derde lid, van de Algemene bijstandswet (Abw). De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en oordeelde dat het bedrijf niet levensvatbaar is, mede vanwege onvoldoende aflossingscapaciteit en het feit dat het inkomen twee gezinnen moet onderhouden.
Appellante stelde dat de rechtbank ten onrechte geen rekening hield met de balans en verlies- en winstrekening over 2001, maar de Raad volgde de rechtbank en het IMK-advies. De Raad benadrukte dat de beoordeling van levensvatbaarheid moet plaatsvinden op het moment van het primaire besluit en dat prognoses en bedrijfseconomische gegevens zijn meegewogen.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak en ziet geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten. De afwijzing van de aanvraag blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de aanvraag voor bedrijfskapitaal wegens het niet-levensvatbare karakter van het bedrijf.