ECLI:NL:CRVB:2005:AS3832
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsuitkering met terugwerkende kracht wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellant verzocht om bijstandsuitkering over de periode van 1 april 1994 tot 26 september 1994 met terugwerkende kracht. Dit verzoek werd door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Gemert-Bakel afgewezen op de grond dat bijstand in beginsel niet met terugwerkende kracht wordt toegekend en dat geen bijzondere omstandigheden aanwezig waren om hiervan af te wijken.
Appellant had eerder meerdere aanvragen ingediend die eveneens waren afgewezen en deze besluiten waren in rechte onaantastbaar geworden. Bij de herhaalde aanvraag werd de zaak opnieuw beoordeeld, maar dit leidde niet tot een andere uitkomst. De Raad overwoog dat een bestuursorgaan bevoegd is om een herhaalde aanvraag inhoudelijk te behandelen, maar dat de rechter zich moet beperken tot de vraag of er sprake is van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden die herziening rechtvaardigen.
Appellant voerde onder meer aan dat een civiele rechter had geoordeeld dat niet alle werkzaamheden waren meegenomen bij terugvordering en dat hij geld had geleend om in noodzakelijke kosten te voorzien. De Raad oordeelde echter dat deze omstandigheden geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden vormden in de zin van artikel 67 van Pro de Algemene bijstandwet. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om bijstandsuitkering met terugwerkende kracht wordt afgewezen wegens ontbreken van bijzondere omstandigheden.