ECLI:NL:CRVB:2005:AS3955
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar bijstand wegens niet ontvangen aanzuiveringstermijn
Appellanten maakten bezwaar tegen een besluit van het College van burgemeester en wethouders van Eindhoven waarin hun bijstandsuitkering werd herzien en een bedrag werd teruggevorderd. Het bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de gronden van het bezwaar niet waren aangevoerd. Appellanten werden bij brief van 10 september 2002 in de gelegenheid gesteld de gronden alsnog aan te vullen, maar zij ontvingen deze brief niet.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring ongegrond. In hoger beroep stelde de Centrale Raad van Beroep vast dat appellanten niet op kenbare wijze de kans hadden gekregen het verzuim te herstellen, mede omdat de brief niet aangetekend was verzonden en appellanten deze niet hadden ontvangen. Ook bleek uit de hoorzitting dat er geen navraag was gedaan naar het ontbreken van de gronden.
De Raad vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en het besluit van 15 oktober 2002, verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat een nieuwe termijn moet worden gesteld voor het herstellen van het verzuim. Tevens werd de gemeente Eindhoven veroordeeld tot betaling van proceskosten en griffierechten aan appellanten.
Uitkomst: Het bezwaar werd terecht niet-ontvankelijk verklaard, maar appellanten zijn niet op kenbare wijze in de gelegenheid gesteld het verzuim te herstellen, waardoor het besluit wordt vernietigd en een nieuwe termijn wordt gesteld.