ECLI:NL:CRVB:2005:AS7060
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening bij geschil over beoordeling en beëindiging tijdelijke aanstelling ambtenaar
De zaak betreft een geschil tussen het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht en een ambtenaar over de beoordeling van zijn functioneren en de beëindiging van zijn tijdelijke aanstelling.
De ambtenaar was per 1 november 2001 tijdelijk aangesteld bij het Ontwikkelingsbedrijf Gemeente Utrecht (OGU). Na kritiek op zijn functioneren werd zijn tijdelijke aanstelling niet verlengd, wat leidde tot bezwaar tegen de beoordeling van zijn functioneren. De rechtbank had het bezwaar gegrond verklaard en het besluit vernietigd, waarna het college hoger beroep instelde en tevens een voorlopige voorziening vroeg om de uitspraak te schorsen.
De voorzieningenrechter overwoog dat het belang van de ambtenaar bij een beoordeling van zijn functioneren als zelfstandig rechtsgevolg blijft bestaan, ook na beëindiging van de aanstelling. Het verzoek tot schorsing werd afgewezen omdat het belang van het college om geen nieuwe beslissing op bezwaar te hoeven nemen niet opwoog tegen het belang van de ambtenaar. Tevens werd vastgesteld dat het college alsnog een beslissing moet nemen op het bezwaar van 15 augustus 2002.
Tot slot werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 322,- aan de ambtenaar.
Uitkomst: Het verzoek om schorsing van de uitspraak werd afgewezen en het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.