ECLI:NL:CRVB:2005:AS7466
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over privaatrechtelijke dienstbetrekking en boete sociale verzekeringspremies
Appellante is in hoger beroep gekomen tegen een uitspraak van de rechtbank Maastricht waarin werd geoordeeld dat betrokkene sinds medio 1996 in een verzekeringsplichtige privaatrechtelijke dienstbetrekking werkzaam was bij appellante. Hierdoor was appellante premies sociale werknemersverzekeringen verschuldigd en had zij onjuist gehandeld door geen opgave te doen van het door betrokkene genoten loon, wat leidde tot correctienota’s en boetenota’s over de jaren 1996 tot en met 2000.
De rechtbank had het beroep van appellante ongegrond verklaard en het bestreden besluit gehandhaafd. In hoger beroep bevestigt de Raad de feiten en omstandigheden zoals door de rechtbank vastgesteld en oordeelt dat de aangevoerde gronden van appellante, die neerkwamen op betwisting van de dienstbetrekking en het ontbreken van opzet of grove schuld, reeds in eerste aanleg uitvoerig zijn behandeld en terecht zijn verworpen.
De Raad wijst erop dat verklaringen van betrokkene tegenover het onderzoeksorgaan in het algemeen als juist mogen worden aangenomen en dat het intrekken of ontkennen daarvan weinig gewicht heeft. De Raad ziet geen reden om af te wijken van het oordeel van de rechtbank en bevestigt de uitspraak. Het hoger beroep wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.