ECLI:NL:CRVB:2005:AS8349
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- O.J.D.M.L. Jansen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering ondanks medische beperkingen
Appellant, voormalig agrarisch medewerker, kreeg een WAO-uitkering toegekend wegens ernstige beperkingen na een auto-ongeval en een kunstheup. Bij herbeoordeling trok het UWV de uitkering in omdat appellant weliswaar niet geschikt was voor zijn oude beroep, maar wel voor andere functies die door een arbeidsdeskundige waren geselecteerd.
Appellant voerde aan dat zijn medische toestand en psychische gesteldheid onvoldoende waren meegewogen, en dat het werken in de voorgestelde functies zou leiden tot versnelde slijtage van zijn kunstheup. Hij bracht echter geen nieuwe medische stukken in hoger beroep ter onderbouwing van deze beweringen.
De Raad concludeerde dat de beschikbare gegevens het standpunt van het UWV ondersteunen en dat appellant geschikt is voor de voorgestelde functies. Er was geen grond om het bestreden besluit onrechtmatig te achten. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en de intrekking van de WAO-uitkering gehandhaafd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat appellant geschikt is voor andere functies ondanks beperkingen.