ECLI:NL:CRVB:2005:AS8603
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit toepassing artikel 33 AAW en 44 WAO inzake inkomsten eigen onderneming en terugvordering uitkering
Appellant is in hoger beroep gekomen tegen een uitspraak van de rechtbank Utrecht inzake de toepassing van artikel 33 van Pro de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) en artikel 44 van Pro de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) over het jaar 1996.
De rechtbank had geoordeeld dat de netto winst uit onderneming zoals opgegeven aan de fiscus als uitgangspunt geldt voor de vaststelling van de inkomsten uit arbeid, tenzij bijzondere omstandigheden dit rechtvaardigen. Appellant stelde dat er mondelinge afspraken waren die het besluit zouden schenden, maar kon dit niet onderbouwen. De Raad sluit zich aan bij de rechtbank en acht geen bijzondere omstandigheden aanwezig.
Verder is vastgesteld dat appellant een regeling met de fiscus had om bedrijfsschade over vijf jaar te verrekenen, maar dat deze regeling geen reden is om de netto winst niet als inkomen uit arbeid te beschouwen. De terugvordering van teveel betaalde uitkering wordt gehandhaafd. De Raad bevestigt de uitspraak en het bestreden besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt bevestigd en de terugvordering van onverschuldigd betaalde uitkering wordt gehandhaafd.