ECLI:NL:CRVB:2005:AS9457
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening kinderbijslagbesluit wegens ontbreken nieuwe feiten
Verzoeker heeft bij brief van 5 maart 2003 verzocht om herziening van een eerdere uitspraak van de Raad van 21 februari 2003 betreffende het recht op kinderbijslag voor zijn zoon Said.
De Raad overwoog dat de kinderbijslag terecht was stopgezet vanaf het vierde kwartaal van 1997 omdat Said niet meer voldeed aan de overgangsregeling na wijziging van de wet, aangezien hij een andere studie volgde dan op 1 oktober 1995. De betaalde kinderbijslag vanaf dat moment was onverschuldigd en terugvordering werd niet afgewezen.
In het verzoek om herziening stelde verzoeker dat zijn zoon nog studeerde en hij daarom kinderbijslag wilde ontvangen. De Raad oordeelde dat dit geen nieuw feit of omstandigheid was zoals bedoeld in artikel 8:88 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, en dat het verzoek om herziening daarom moest worden afgewezen. Er was geen grond voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
De uitspraak werd gedaan door mr. T.L. de Vries, in aanwezigheid van griffier mr. M.F. van Moorst, en uitgesproken op 4 maart 2005.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.