ECLI:NL:CRVB:2005:AS9695
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Beëindiging met terugwerkende kracht van herplaatsingstoelage wegens wijziging arbeidsrelatie
Appellant, aanvankelijk herplaatst in een dienstbetrekking voor 20 uur per week met een herplaatsingstoelage, werd op 24 februari 1992 aandeelhouder en directeur-grootaandeelhouder van de BV waar hij werkzaam was. Deze statuswijziging maakte dat hij niet langer als werknemer in dienstbetrekking kon worden beschouwd.
Het pensioenfonds ABP stelde bij besluit van 11 september 2001 vast dat vanaf die datum geen aanspraak meer bestond op de herplaatsingstoelage en beëindigde deze met terugwerkende kracht. Appellant had deze verandering niet gemeld, terwijl hij daartoe op grond van de Wet een informatieplicht had.
De Raad onderschrijft de eerdere uitspraak van de rechtbank dat het pensioenfonds terecht en op goede gronden de herplaatsingstoelage heeft beëindigd. De Raad acht het besluit in overeenstemming met de toepasselijke wettelijke bepalingen en wijst het beroep van appellant af. Tevens wordt geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugwerkende beëindiging van de herplaatsingstoelage vanaf 24 februari 1992.