ECLI:NL:CRVB:2005:AT0988
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering kinderbijslag en maandelijkse aflossingscapaciteit
Appellant werd door de Sociale verzekeringsbank teruggevorderd voor teveel betaalde kinderbijslag aan zijn in Marokko woonachtige kinderen. De bank stelde op basis van een inkomensonderzoek vast dat appellant maandelijks €90,17 kon aflossen. Appellant stelde dat hij slechts €45,- per maand kon betalen.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van appellant niet-ontvankelijk wegens te late indiening van het beroepschrift, en wees het bezwaar tegen de aflossingscapaciteit af. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dat het inkomensonderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat er geen onjuiste gegevens waren gebruikt.
De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende bewijs had geleverd om de vastgestelde aflossingscapaciteit te betwisten. Daarom werd het besluit van de Sociale verzekeringsbank bevestigd en het hoger beroep afgewezen. Tevens werd geen vergoeding van proceskosten toegekend.
De uitspraak onderstreept het belang van een gedegen inkomensonderzoek bij terugvorderingen en de beperkte ruimte voor appellanten om aflossingsbedragen te verlagen zonder nieuwe feiten of gegevens.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de maandelijkse aflossingscapaciteit van €90,17 wordt bevestigd.