ECLI:NL:CRVB:2005:AT0992
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Beoordeling klokurenvereiste voor kinderbijslag over derde kwartaal na 16e verjaardag kind
Appellant vordert kinderbijslag over het derde kwartaal van 1998 voor zijn dochter, die in het tweede kwartaal van dat jaar 16 jaar is geworden. De Sociale verzekeringsbank heeft de aanvraag geweigerd omdat niet is aangetoond dat de dochter het vereiste aantal klokuren onderwijs heeft gevolgd.
De rechtbank heeft eerder het besluit van de Sociale verzekeringsbank vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar het beroep ongegrond verklaard. In hoger beroep stelt appellant dat het klokurenvereiste niet mag worden gesteld voor het derde kwartaal, omdat dit aansluit op een periode waarin het kind nog geen 16 was en geen onderwijsvolgend moest zijn. Gedaagde voert aan dat vanaf het kwartaal volgend op de 16e verjaardag aanvullende eisen gelden en dat het derde kwartaal daarom zelfstandig beoordeeld moet worden.
De Raad oordeelt dat het klokurenvereiste wel geldt voor het derde kwartaal, omdat het kind op de peildatum 16 jaar was. Aangezien appellant geen bewijs heeft geleverd dat het kind in dat kwartaal aan het vereiste voldeed, is het beroep ongegrond en wordt de weigering tot kinderbijslag bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van kinderbijslag over het derde kwartaal van 1998 wegens het niet voldoen aan het klokurenvereiste.