ECLI:NL:CRVB:2005:AT1636
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. ’t Hooft
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag gesloten buitenwagen en ingangsdatum vervoerskostenvergoeding
Appellante, met beperkingen door een neurologische en interne aandoening, vroeg om een gesloten buitenwagen. Het gemeentebestuur wees dit af omdat geen medische indicatie voor weersgevoeligheid werd vastgesteld. De Raad liet een deskundige huisartsgeneeskundige onderzoeken, die concludeerde dat er wel sprake is van een weersgevoelige aandoening, waardoor een gesloten buitenwagen de meest adequate voorziening is. Daarom vernietigde de Raad het besluit en bepaalde dat een nieuw besluit moet worden genomen.
Daarnaast ging het geschil over de ingangsdatum van een verhoogde vervoerskostenvergoeding. Het gemeentebestuur had de vergoeding per 1 oktober 1999 toegekend, terwijl appellante terugwerkende kracht vanaf 3 april 1996 eiste. De Raad bevestigde het besluit dat toekenning niet met terugwerkende kracht kan plaatsvinden, omdat beoordeling plaatsvindt op het moment van aanvraag en omdat appellante jarenlang de Stadsmobiel als adequaat vervoermiddel heeft gebruikt.
De Raad wees het verzoek om schadevergoeding af wegens onvoldoende inzicht in schade en veroordeelde de gemeente Amsterdam tot vergoeding van proceskosten aan appellante. De uitspraak van de rechtbank over de vervoerskostenvergoeding werd bevestigd.
Uitkomst: Besluit over gesloten buitenwagen wordt vernietigd en nieuwe beslissing wordt bevolen; besluit over vervoerskostenvergoeding wordt bevestigd.