ECLI:NL:CRVB:2005:AT2916
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak inzake inleverplicht OV-studentenkaart bij herexamen zonder inschrijving
De zaak betreft een geschil tussen de hoofddirectie van de Informatie Beheer Groep en een studente over de inleverplicht van de OV-studentenkaart na beëindiging van haar studiefinanciering. Gedaagde was ingeschreven voor voltijdse opleidingen in de studiejaren 2000-2001 en 2001-2002, maar niet in de jaren daarna, hoewel zij in augustus 2003 een herexamen aflegde.
Appellante herzag haar eerder toegekende studiefinanciering en vorderde terugbetaling van teveel betaalde bedragen, waaronder een bedrag wegens onterecht bezit van de OV-studentenkaart. De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van gedaagde deels gegrond en vernietigde het besluit over de vordering OV-kaart, stellende dat artikel 4.10, derde lid, van de Regeling studiefinanciering 2000 ook geldt bij herexamens zonder inschrijving.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt anders en bevestigt het beleid van appellante dat vrijstelling van inleverplicht alleen geldt indien de studerende ten tijde van het (her)examen ingeschreven was voor voltijds onderwijs met studiefinanciering. Dit beleid acht de Raad niet onredelijk en niet strijdig met de wet. De Raad stelt vast dat gedaagde niet aan haar inleverplicht heeft voldaan en dat geen sprake is van overmacht.
Daarom vernietigt de Raad de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van gedaagde ongegrond. Tevens wordt het nadere besluit van 8 juli 2004 vernietigd omdat het op de vernietigde uitspraak was gebaseerd. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van gedaagde wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak wordt vernietigd wegens niet tijdig inleveren van de OV-studentenkaart zonder recht op vrijstelling.