ECLI:NL:CRVB:2005:AT3919
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- O.J.D.M.L. Jansen
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens niet-betaling griffierecht
Opposant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Hertogenbosch, maar het hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet was betaald. Tegen deze beslissing kwam opposant in verzet.
De Raad behandelde het verzet en concludeerde dat de omstandigheid dat opposant had gewacht met betaling van het griffierecht tot de toevoeging was afgegeven, geen reden was om het verzuim te vergoelijken. De Raad oordeelde dat de gemachtigde van opposant had moeten begrijpen dat tijdige betaling verplicht was om ontvankelijk te zijn.
Daarom werd het verzet ongegrond verklaard en bleef de eerdere uitspraak van niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep in stand. De beslissing werd genomen met toepassing van artikel 21 van Pro de Beroepswet en artikel 8:55 Awb Pro.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens niet-betaling van het griffierecht wordt ongegrond verklaard.