ECLI:NL:CRVB:2005:AT4323
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Ch.J.G. Olde Kalter
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten intrekking WAO- en Ziektewetuitkeringen en proceskostenvergoeding
Appellante, voorheen steksteekster, ontving een WAO-uitkering wegens 80-100% arbeidsongeschiktheid. Deze uitkering werd ingetrokken per 20 augustus 2002, waarna zij bezwaar maakte. De rechtbank verklaarde het bezwaar deels gegrond, maar het UWV handhaafde het intrekkingsbesluit. Vervolgens stelde appellante hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad oordeelde dat het intrekkingsbesluit onterecht was en vernietigde het besluit en de uitspraak van de rechtbank. Ook vernietigde de Raad het besluit tot beëindiging van de Ziektewetuitkering per 3 maart 2003, omdat deze onjuist was gehandhaafd. Het beroep tegen het wijzigingsbesluit dat de WAO-uitkering ongewijzigd voortzette, werd niet-ontvankelijk verklaard.
De Raad wees het verzoek om schadevergoeding af, behalve voor de proceskosten van rechtsbijstand in eerste aanleg en hoger beroep, die redelijk werden geacht. Vergoedingen voor eigen bijdragen en deskundigenkosten van een niet-medische deskundige werden afgewezen. Het UWV werd veroordeeld tot betaling van proceskosten en het griffierecht aan appellante.
Uitkomst: De Raad vernietigt de intrekkingsbesluiten en veroordeelt het UWV tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.