ECLI:NL:CRVB:2005:AT4327
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek draagkrachtmeting studiefinanciering met terugwerkende kracht
Appellante verzocht om een draagkrachtmeting over de terugbetalingsjaren 1988 tot en met 1999 van haar studiefinanciering, met toepassing van de hardheidsclausule. Gedaagde wees dit verzoek bij besluit van 14 augustus 2001 af, waarna ook het bezwaar en het beroep van appellante ongegrond werden verklaard.
De rechtbank Amsterdam bevestigde dat draagkrachtmeting niet met terugwerkende kracht kan worden toegepast op grond van artikel 6.10, derde lid, van de Wet studiefinanciering 2000 (WSF 2000). De Raad sluit zich hierbij aan en overweegt dat appellantes verzoek terecht is afgewezen omdat de wet geen terugwerkende draagkrachtmeting toestaat.
Verder oordeelt de Raad dat er geen zeer bijzondere omstandigheden zijn die toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigen. Appellantes argument dat zij jarenlang van een bijstandsuitkering heeft moeten rondkomen, is onvoldoende om af te wijken van de dwingende regels. De Raad ziet ook geen grond voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd. De grief over de invordering van de schuld wordt niet behandeld omdat het bestreden besluit hierover geen beslissing bevat.
Uitkomst: Het verzoek om draagkrachtmeting met terugwerkende kracht wordt afgewezen en het bestreden besluit bevestigd.