ECLI:NL:CRVB:2005:AT4458
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Weigering periodieke uitkering burgeroorlogsslachtoffer wegens ontbreken blijvende invaliditeit
Eiseres, geboren in 1930 in het voormalige Nederlands-Indië, vroeg in januari 2001 erkenning als burgeroorlogsslachtoffer en een periodieke uitkering op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945. Hoewel zij erkend werd als getroffen door oorlogsgeweld, werd haar aanvraag afgewezen omdat geen sprake was van blijvende lichamelijke of psychische invaliditeit als gevolg van de oorlog.
Na een eerdere afwijzing in 2001 en een nieuwe aanvraag in 2003, handhaafde verweerster het besluit tot weigering in maart 2004. De Raad toetste dit besluit aan de hand van medische adviezen van geneeskundige adviseurs, die concludeerden dat de klachten van eiseres niet oorlogsgerelateerd waren, maar onder meer samenhingen met een hersentumor en andere aandoeningen.
De Raad vond geen aanleiding om te twijfelen aan deze medische conclusies en oordeelde dat het bestreden besluit voldoende was gemotiveerd en rechtmatig. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van blijvende invaliditeit door oorlogsgeweld.