ECLI:NL:CRVB:2005:AT4525
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- R. Kooper
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Vergoeding schade wegens onrechtmatige weigering werkloosheids- en ziekte-uitkering
Appellant, voormalig docent aan de Hogeschool van Utrecht, diende een aanvraag in voor werkloosheids- en ziekte-uitkeringen die aanvankelijk werden geweigerd vanwege vermeende weigering tot medewerking aan een controle.
Na bezwaar werden de uitkeringen alsnog toegekend met terugwerkende kracht, maar appellant vorderde vergoeding van materiële en immateriële schade door de aanvankelijke weigering. Deze vordering werd door het bestuursorgaan afgewezen en het bezwaar ongegrond verklaard.
De Raad oordeelt dat de weigering onrechtmatig was omdat appellant niet onredelijk handelde bij het niet verschijnen op de controle, die bovendien door de controleur telefonisch werd ingetrokken. De Raad vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de voorzieningenrechter en bepaalt dat gedaagde een nieuwe beslissing moet nemen met inachtneming van de overwegingen.
Vergoeding van immateriële schade wordt afgewezen wegens gebrek aan aantoonbare aantasting van eer of goede naam. Materiële schadevergoeding wordt beperkt tot wettelijke rente over te late uitbetalingen en een bedrag aan reiskosten. Vergoeding van juridische advieskosten wordt afgewezen omdat het primaire besluit niet tegen beter weten in was genomen.
Tot slot veroordeelt de Raad gedaagde tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellant.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van schadevergoeding wordt vernietigd en gedaagde dient een nieuwe beslissing te nemen met vergoeding van proceskosten.