ECLI:NL:CRVB:2005:AT4924
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsongeschiktheid en uitkeringsrecht op grond van Nederlands-Canadees verdrag
De zaak betreft een geschil over de weigering van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) om aan gedaagde, woonachtig in Canada, een arbeidsongeschiktheidsuitkering toe te kennen op grond van het Verdrag inzake sociale zekerheid tussen Nederland en Canada.
Gedaagde had na een ernstig knieletsel in 1994 een aanvraag ingediend voor een Nederlandse invaliditeitsuitkering. Het UWV weigerde deze op basis van een medische en arbeidskundige beoordeling die concludeerde dat gedaagde op de relevante datum, 14 januari 1995, niet arbeidsongeschikt was. De rechtbank Amsterdam vernietigde dit besluit wegens een ondeugdelijke medische grondslag.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat het UWV beschikte over voldoende en toereikende medische informatie, waaronder gegevens van het Canadese uitvoeringsorgaan, en dat de medische beperkingen van gedaagde niet zijn onderschat. De Raad benadrukt dat de medische situatie na 14 januari 1995 verslechterde, maar dat voor de uitkeringsvraag alleen de situatie op die datum relevant is.
De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van appellant ongegrond, waarmee het bestreden besluit in stand blijft.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.