ECLI:NL:CRVB:2005:AT5288
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.G. Treffers
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende motivering
In deze zaak staat de vraag centraal of het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering van gedaagde, gebaseerd op deskundigenrapporten, rechtmatig is. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) had de uitkering ingetrokken omdat gedaagde minder dan 15% arbeidsongeschikt zou zijn. Deskundigen, waaronder een neuroloog en een psychiater, brachten rapporten uit waarin aanvullende beperkingen werden vastgesteld die niet volledig waren meegenomen in het besluit.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit ondeugdelijk was gemotiveerd omdat onvoldoende rekening was gehouden met de psychische beperkingen zoals vastgesteld door de psychiater. In hoger beroep handhaafde het Uwv zijn standpunt, maar de Centrale Raad van Beroep stelde zich achter de rechtbank en bevestigde de vernietiging van het besluit.
De Raad benadrukte het belang van het oordeel van onafhankelijke deskundigen en vond dat de rechtbank haar beoordelingsruimte niet onjuist had gebruikt door het oordeel van de psychiater te volgen zonder de bezwaarverzekeringsarts te raadplegen. Daarnaast wees de Raad op het ontbreken van aanleiding om het oordeel van de neuroloog over de fysieke beperkingen te betwisten.
De Raad veroordeelde het Uwv tot vergoeding van de proceskosten van gedaagde in hoger beroep en bepaalde dat het griffierecht aan het Uwv wordt opgelegd. De zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit op bezwaar, waarbij ook aandacht moet worden besteed aan eventuele schadevergoedingen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het intrekkingsbesluit van de WAO-uitkering en veroordeelt het Uwv in de proceskosten.