ECLI:NL:CRVB:2005:AT5328
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Beoordeling nieuw beleid dubbele huishoudens en onderhoudsbijdrage kinderbijslag
Appellant verzocht kinderbijslag voor zijn in Marokko wonende kinderen, maar de Sociale verzekeringsbank wees deze af vanaf het derde kwartaal 2001 omdat appellant niet meer voldeed aan de voorwaarden voor het voeren van een huishouden met zijn gezin in het buitenland. Appellant voerde aan dat hij wel degelijk onderhoudsbijdragen leverde, onder meer door geldopnames tijdens verblijf in Marokko en betalingen aan zijn broer, die als mede-verzorger fungeert.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond, stellende dat appellant niet voldeed aan de vereiste verblijfsduur en het onderhoud niet op eenvoudige wijze kon aantonen. In hoger beroep oordeelde de Raad dat het nieuwe beleid omtrent het begrip huishouden niet onrechtmatig is, maar constateerde dat de rechtbank ten onrechte had aangenomen dat appellant in het refertejaar drie maanden bij zijn gezin verbleef.
De Raad stelde vast dat appellant vanaf het derde kwartaal 2001 geen huishouden meer voerde met zijn gezin en daarom de onderhoudsbijdrage moest aantonen. Voor het vierde kwartaal 2001 concludeerde de Raad dat de betaling van 25.000 Dirham aan de broer als verzorger voldoende bewijs is van onderhoudsbijdrage, evenals de opname van 38.000 Dirham tijdens vakantie. De weigering van kinderbijslag over dat kwartaal werd daarom vernietigd. Tevens werden de proceskosten aan appellant toegekend.
Uitkomst: De weigering van kinderbijslag over het vierde kwartaal 2001 wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit.