ECLI:NL:CRVB:2005:AT5489
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.G. Treffers
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening WAO-uitkering ondanks ziekenhuisopname
Appellant, die sinds 1994 een WAO-uitkering ontvangt, verzocht om herziening van zijn uitkering na een ziekenhuisopname in september 2001 wegens een hartinfarct. Hoewel deze opname als een nieuw feit werd beschouwd, oordeelde het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) dat dit geen aanleiding gaf tot een ander besluit over de mate van arbeidsongeschiktheid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en stelde dat het besluit van 7 augustus 2002 voldeed aan de wettelijke toetsingscriteria. Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad overwoog dat het oorspronkelijke besluit van 26 juli 2001 onherroepelijk was geworden en dat het bestuursorgaan bevoegd is om een verzoek tot herziening te behandelen, maar dat een inhoudelijke toetsing als een oorspronkelijk besluit niet is toegestaan. De Raad bevestigde dat de ziekenhuisopname weliswaar een nieuw feit was, maar dat dit niet leidde tot wijziging van de vastgestelde belastbaarheid, mede omdat appellant geen aanvullende medische gegevens had overgelegd.
Daarom werd het beroep van appellant ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van het verzoek tot herziening van de WAO-uitkering ondanks de ziekenhuisopname.