ECLI:NL:CRVB:2005:AT6420
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.Th. Wolleswinkel
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aansprakelijkheid en schadevergoeding militair na verkeersongeval in Bosnië
Appellante, een militair uitgezonden naar Bosnië, raakte op 18 oktober 2000 betrokken bij een verkeersongeval waarbij zij gewond raakte door een lokale vrachtwagen die op de verkeerde weghelft reed. Zij vroeg de werkgever aansprakelijkheid te erkennen en schadevergoeding te betalen, gebaseerd op het beginsel van goed werkgeverschap en artikel 115 van Pro het Algemeen Militair Ambtenarenreglement (AMAR).
De rechtbank wees het beroep af en ook in hoger beroep oordeelde de Centrale Raad van Beroep dat geen sprake was van een tekortkoming van de werkgever. De Raad overwoog dat de militaire pensioenwetgeving een stelsel van risicoaansprakelijkheid kent, maar dat dit niet verder gaat dan de bestaande rechtspositionele voorzieningen. Artikel 115 AMAR Pro kan een discretionaire vergoeding mogelijk maken, maar de omstandigheden van appellante rechtvaardigen dit niet.
De Raad stelde vast dat appellante een invaliditeitspensioen en diverse voorzieningen heeft ontvangen en dat de werkgever voldoende invulling heeft gegeven aan zijn zorgplicht en goed werkgeverschap. Het ongeval werd veroorzaakt door een derde, waarvoor de werkgever niet aansprakelijk is. Het verzoek om vergoeding op grond van artikel 115 AMAR Pro werd daarom afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat de werkgever niet aansprakelijk is en dat de verstrekte voorzieningen voldoen aan het goed werkgeverschap.