ECLI:NL:CRVB:2005:AT6438
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging weigering herziening WAO-uitkering wegens toegenomen arbeidsongeschiktheid
De zaak betreft een geschil over de weigering van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) om een WAO-uitkering te herzien naar aanleiding van een vermeende toename van arbeidsongeschiktheid van een werknemer. De werknemer claimde per 10 februari 2001 een toename van psychische beperkingen, maar het Uwv stelde dat deze toename niet voortkwam uit dezelfde ziekteoorzaak als de oorspronkelijke arbeidsongeschiktheid.
De primaire verzekeringsarts concludeerde zonder het afwachten van aanvullende gegevens van de behandelend psychiater dat er geen sprake was van verminderde functioneringsmogelijkheden door dezelfde ziekteoorzaak. De bezwaarverzekeringsarts kwam na nader onderzoek tot eenzelfde standpunt. De rechtbank vernietigde het besluit echter wegens onvoldoende zorgvuldigheid en onvolledige motivering.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het besluit. De Raad oordeelt dat de toename van beperkingen gedurende de relevante periode wel degelijk voortkomt uit dezelfde ziekteoorzaak en dat het Uwv ten onrechte heeft geoordeeld dat dit niet het geval was. De Raad acht de motivering van het Uwv onvoldoende en bevestigt het oordeel van de rechtbank dat het besluit tot weigering van herziening onrechtmatig is genomen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vernietiging van het besluit tot weigering herziening WAO-uitkering wegens toegenomen arbeidsongeschiktheid uit dezelfde ziekteoorzaak.