ECLI:NL:CRVB:2005:AT6784
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen WW-uitkeringsbesluit wegens termijnoverschrijding
Appellant had bezwaar gemaakt tegen een besluit van 12 maart 2004 waarbij hem een WW-uitkering werd toegekend op basis van een dagloon van €106,14. Dit bezwaar werd door de rechtbank Leeuwarden ongegrond verklaard omdat het bezwaarschrift te laat was ingediend en er geen verschoonbare reden voor de termijnoverschrijding was. Tevens werd het bezwaar tegen de uitkeringsspecificatie van 30 april 2004 niet-ontvankelijk verklaard omdat deze specificatie geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hem telefonisch was medegedeeld dat het dagloon een netto-bedrag betrof, terwijl het bij ontvangst van de specificatie bleek om een bruto-bedrag te gaan. De Raad stelde vast dat van deze telefonische mededeling geen bewijs was en dat er geen sprake was van een verschoonbare termijnoverschrijding.
De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank dat de uitkeringsspecificatie geen besluit is waartegen bezwaar kan worden gemaakt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak werd bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar wordt bevestigd.