ECLI:NL:CRVB:2005:AT7042
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek erkenning burger-oorlogsslachtoffer en WUBO-uitkering wegens onvoldoende bewijs oorlogsgeweld
Eiseres, geboren in 1932 in het voormalige Nederlands-Indië, verzocht om erkenning als burger-oorlogsslachtoffer en toekenning van een WUBO-uitkering op basis van gezondheidsklachten die zij toeschrijft aan gebeurtenissen tijdens de Japanse bezetting en de daaropvolgende Bersiap-periode. Zij noemde onder meer internering in diverse kampen, verblijf in kazernes, het meemaken van bombardementen en beschietingen, en het werken als theemeisje in de gevangenis van de Kempeitai.
De verweerster wees het verzoek in 1995 af wegens gebrek aan voldoende bevestiging van de door eiseres gestelde oorlogsgeweldincidenten. Eiseres maakte hiertegen geen rechtsmiddel meer aanhangig, waardoor het besluit onherroepelijk werd. Latere verzoeken tot herziening en bezwaar werden eveneens afgewezen, omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangevoerd die het eerdere besluit konden wijzigen.
Bij het herzieningsverzoek in 2003 overwoog de Raad dat erkenning als burger-oorlogsslachtoffer primair afhangt van directe betrokkenheid bij oorlogsgeweld. Hoewel eiseres aanvullende getuigenverklaringen overlegde, ontbrak bevestiging van de belangrijkste calamiteiten, zoals internering en beschietingen. De Raad stelde vast dat de verklaringen onvoldoende overtuigend waren en dat verweerster terecht oordeelde dat niet was aangetoond dat eiseres door oorlogsgeweld was getroffen.
De Raad concludeert dat het bestreden besluit in rechte standhoudt en verklaart het beroep ongegrond. Tevens is geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten. Het beroep is behandeld op 21 april 2005 en het arrest is uitgesproken op 2 juni 2005.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende bewijs van oorlogsgeweld.