ECLI:NL:CRVB:2005:AT7566
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Bevestiging privaatrechtelijke dienstbetrekking schoolfotografen bij fotostudio
Appellante, een fotostudio met landelijke naamsbekendheid, kreeg premiecorrecties en boetenota's opgelegd over de jaren 1997 tot en met 2000 omdat vijf schoolfotografen die voor haar werkten, werden beschouwd als in privaatrechtelijke dienstbetrekking werkzaam. De kern van het geschil was of deze fotografen in een gezagsverhouding tot appellante stonden.
De rechtbank Haarlem oordeelde dat appellante aanwijzingen kon geven, randvoorwaarden stelde, gedragsregels opstelde en technische kwaliteitscontroles uitvoerde, wat duidde op een dienstbetrekking. De Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel en stelde vast dat de fotografen opdrachten uitvoerden binnen het organisatorisch kader van appellante, die sturend optrad bij de uitvoering, controleerde en bijstuurde waar nodig. Ook de betaling per opdracht en persoonlijke dienstverrichting wezen op een dienstbetrekking.
Appellante voerde aan dat de fotografen artistieke vrijheid hadden en als freelancers met eigen apparatuur werkten, maar de Raad vond dat dit niet afdoet aan de gezagsrelatie en organisatorische inbedding. De Raad verwierp ook het verweer dat andere bureaus anders werden behandeld wegens te late en vage grief. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd, en toepassing van artikel 8:75 Awb Pro werd niet noodzakelijk geacht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de schoolfotografen in privaatrechtelijke dienstbetrekking stonden tot appellante.