ECLI:NL:CRVB:2005:AT8323
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit studieschuld en terugbetalingsbedrag ondanks medische gronden
Appellant heeft studiefinanciering genoten van april 1991 tot augustus 1998. In de studiejaren 1993-1994 en 1996-1997 zijn onvoldoende studiepunten behaald, waardoor de tempobeurs is omgezet in een lening bij besluiten van 10 december 1994 en 6 december 1997. Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van 6 februari 2003 waarin de hoogte van de studieschuld en het terugbetalingsbedrag werden vastgesteld.
Appellant voerde aan dat een oogafwijking, ontdekt in 1998, zijn studievertraging veroorzaakte en betoogde op medische gronden bezwaar tegen de terugbetalingsregeling. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en bevestigde het besluit. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de omzettingsbesluiten niet onderwerp zijn van het bestreden besluit en dat de medische gronden buiten het bestreden besluit en de procedure vallen.
De Raad adviseert appellant eerst gebruik te maken van het afstudeerfonds van zijn onderwijsinstelling en eventueel later een verzoek in te dienen bij gedaagde om de omzettingsbesluiten ongedaan te maken. De Raad ziet geen aanleiding tot toepassing van artikel 8:75 Awb Pro en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit over de hoogte van de studieschuld en de terugbetalingsregeling en verklaart het hoger beroep ongegrond.