ECLI:NL:CRVB:2005:AT8544
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.G.M. Simons
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijzondere bijstand voor huwelijkskosten dochter in Canada
Appellant verzocht om bijzondere bijstand voor kosten gerelateerd aan het huwelijk van zijn dochter in Canada, waaronder de vliegreis, verblijfkosten, bijdrage aan de huwelijksreceptie en het huwelijkscadeau tot een bedrag van €5.700. De gemeente Groningen wees dit verzoek af, en ook de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep werd het oordeel van de rechtbank bevestigd. De Raad oordeelde dat de kosten van het huwelijk niet behoren tot de noodzakelijke kosten van het bestaan zoals bedoeld in artikel 39, eerste lid, van de Algemene bijstandswet (Abw). De stelling van appellant dat hij vanwege niet-werkzaam zijn aangewezen is op bijstand, leidt niet tot een andere beoordeling van bijzondere omstandigheden.
De Raad zag geen aanleiding om de proceskosten aan appellant toe te wijzen en bevestigde de eerdere uitspraak. Hiermee blijft de afwijzing van de bijzondere bijstand voor de huwelijkskosten in stand.
Uitkomst: De afwijzing van de bijzondere bijstand voor de huwelijkskosten van appellants dochter wordt bevestigd.