ECLI:NL:CRVB:2005:AT8960
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag vervolgingsslachtoffer wegens ontbreken vervolging of gelijkstelling
Eiser, geboren in Nederlands-Indië, vroeg in 2003 een uitkering aan als vervolgingsslachtoffer op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945. Hij stelde dat hij tijdens de Japanse bezetting als wees onder kommervolle omstandigheden had moeten leven nadat zijn moeder gevangen was genomen. Verweerster wees de aanvraag af omdat niet was vastgesteld dat eiser vervolging had ondergaan of dat zijn omstandigheden vergelijkbaar waren met vervolging.
De Raad overwoog dat onder vervolging wordt verstaan vrijheidsberoving door opsluiting door de vijandelijke bezetter op grond van bepaalde gronden, hetgeen eiser niet had ondergaan. De mogelijkheid tot gelijkstelling is discretionair en wordt slechts terughoudend getoetst. De Raad vond dat de omstandigheden van eiser, hoewel armoedig, niet vergelijkbaar waren met vervolging en dat de wegvoering van zijn moeder niet gepaard ging met excessief geweld.
De Raad concludeerde dat het bestreden besluit rechtmatig is en wees het beroep af. Tevens werd geen vergoeding van proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de aanvraag als vervolgingsslachtoffer wordt gehandhaafd.