ECLI:NL:CRVB:2005:AT9144
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Hoofdelijke aansprakelijkheid voor niet-betaalde premies bij inlening personeel door uitzendbureau
Appellante exploiteert een glastuinbouwbedrijf en maakte in 1998 en 1999 gebruik van werknemers van het uitzendbureau Allzend. Uit onderzoek bleek dat Allzend premies voor sociale verzekeringen niet had afgedragen. Gedaagde stelde appellante hoofdelijk aansprakelijk op grond van artikel 16a van de Coördinatiewet Sociale Verzekering (CSV) voor de niet-betaalde premies.
Appellante voerde aan dat er geen sprake was van leiding en toezicht zoals bedoeld in artikel 16a CSV, omdat de werknemers onder leiding van een voorman van Allzend stonden en zij slechts beperkte aanwijzingen gaf. De rechtbank oordeelde echter dat appellante terecht aansprakelijk was gesteld.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. Uit de feiten blijkt dat de werkzaamheden onder leiding en toezicht van appellante werden verricht, ook al verliep dit indirect via een voorman vanwege taalbarrières. De Raad benadrukt dat het op de inlener rust om te bewijzen dat er geen sprake is van inlening, hetgeen appellante niet heeft gedaan. Daarmee blijft de hoofdelijke aansprakelijkheid van appellante in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de hoofdelijke aansprakelijkheid van appellante voor de niet-betaalde premies over 1998 en 1999.