ECLI:NL:CRVB:2005:AT9619
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid na wachttijd
Appellant verzocht om een WAO-uitkering, maar deze werd geweigerd omdat hij op de peildatum minder dan 15% arbeidsongeschikt was. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank werd het besluit gehandhaafd. Appellant stelde dat zijn rug-, nek- en schouderklachten onvoldoende waren meegewogen en dat zijn beperkingen bij zitten, staan, lopen en reiken werden onderschat.
De Centrale Raad van Beroep heeft het medisch dossier, waaronder rapporten van verzekeringsartsen, bestudeerd en geen aanwijzingen gevonden dat de beperkingen van appellant ernstiger zijn dan reeds vastgesteld. Ook de geschiktheid van de voorgelegde functies is medisch verantwoord beoordeeld.
De Raad concludeert dat het bestreden besluit in rechte stand kan houden en bevestigt het vonnis van de rechtbank. Er is geen grond voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De uitspraak is op 12 juli 2005 in het openbaar gegeven.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid.