ECLI:NL:CRVB:2005:AU0611
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- N.J. Haverkamp
- Rechtspraak.nl
Veroordeling bestuursorgaan in proceskosten na vernietiging WAO-uitkeringsbesluit
Appellante maakte bezwaar tegen het intrekken van haar WAO-uitkering door het UWV, waarna de rechtbank Zwolle het besluit vernietigde wegens schending van hoor- en kennisgevingsregels. De rechtbank handhaafde echter de rechtsgevolgen van het besluit en wees proceskostenveroordeling af omdat beide partijen deels in het ongelijk waren gesteld.
Appellante stelde dat het bestuursorgaan ondanks het deels in het ongelijk stellen toch in de proceskosten moest worden veroordeeld, omdat het besluit onrechtmatig was. De Centrale Raad van Beroep bevestigde dat bij vernietiging van een besluit het bestuursorgaan in principe de proceskosten moet dragen, tenzij uitzonderlijke omstandigheden aanwezig zijn.
De Raad oordeelde dat die uitzonderingen niet van toepassing waren en vernietigde het deel van het vonnis waarin geen proceskostenveroordeling werd uitgesproken. Het UWV werd veroordeeld tot betaling van in totaal €966 aan proceskosten en tot vergoeding van het in hoger beroep betaalde griffierecht van €87.
De uitspraak benadrukt het belang van correcte kennisgeving aan gemachtigden en bevestigt de regel dat bestuursorganen bij onrechtmatige besluiten doorgaans proceskosten moeten vergoeden.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van €966 aan proceskosten en vergoeding van het griffierecht aan appellante.