ECLI:NL:CRVB:2005:AU0993
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen WAZ-uitkeringsbesluit en toekenning proceskosten
Appellante, firmant van een vennootschap onder firma met een boomkwekerij, ontving een WAZ-uitkering vanaf 31 juli 1998 gebaseerd op een arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) stelde bij besluit van 21 februari 2002 vast dat vanwege inkomsten uit arbeid de uitkering over de periode 31 juli 1998 tot en met 31 december 2000 niet betaald zou worden. Dit besluit werd gehandhaafd bij bezwaar en door de rechtbank ongegrond verklaard.
Bij hoger beroep wijzigde het UWV het standpunt en nam een nieuw besluit op 21 juni 2005, waarbij het bezwaar van appellante gegrond werd verklaard en de eerdere beslissing werd vervangen. Hierdoor werd de WAZ-uitkering over 1999 en 2000 niet gekort en over 1998 niet toegekend vanwege inkomsten uit eigen onderneming. De Raad vernietigde het oorspronkelijke besluit en de uitspraak van de rechtbank.
De Raad wees een verzoek om vergoeding van kosten van de bezwaarprocedure af, omdat het primaire besluit niet tegen beter weten in was genomen. Wel werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten voor de beroeps- en hoger beroepsfase, begroot op €1.288,=, en tot vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het oorspronkelijke besluit vernietigd en het UWV veroordeeld tot betaling van proceskosten.