ECLI:NL:CRVB:2005:AU1001
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake WAO-uitkering wegens onjuiste medische beoordeling
De zaak betreft een geschil over de mate van arbeidsongeschiktheid van gedaagde, die een WAO-uitkering ontving die later werd ingetrokken door het UWV. De rechtbank Utrecht had het beroep van gedaagde gegrond verklaard en het besluit van het UWV vernietigd op basis van een medisch deskundigenrapport dat een ernstige depressieve episode vaststelde.
Het UWV stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte het oordeel van de deskundige had gevolgd. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de rechtbank onvoldoende rekening had gehouden met tegenstrijdigheden en onduidelijkheden in het deskundigenrapport en de medische gegevens, zoals de onverklaarde ziekmelding ruim tien maanden vóór de bevalling en tegenstrijdige verklaringen over de medische toestand van gedaagde.
De Raad concludeerde dat het deskundigenrapport niet doorslaggevend kon zijn en dat de rechtbank ten onrechte het oordeel van de door haar ingeschakelde deskundige had gevolgd. De Raad vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van het UWV alsnog ongegrond, waarmee het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het beroep van het UWV wordt alsnog ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering bekrachtigd.