ECLI:NL:CRVB:2005:AU1012
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging WAO-besluit wegens gebrek aan deugdelijke medische grondslag
Appellant, voormalig assistent procesleider, viel uit wegens psychische klachten en vroeg om een WAO-uitkering. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kende hem een uitkering toe met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 15-25%, gebaseerd op medisch en arbeidskundig onderzoek.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep. Nieuwe medische informatie, waaronder een rapport van de behandelend psychiater en een herbeoordeling door de bezwaarverzekeringsarts, toonde aan dat het oorspronkelijke medische oordeel onvoldoende recht deed aan de situatie van appellant.
De Raad oordeelde dat het bestreden besluit een deugdelijke medische grondslag ontbeerde en vernietigde het besluit. Het Uitvoeringsinstituut werd opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen, rekening houdend met de medische argumenten. Tevens werd het instituut veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden WAO-besluit wordt vernietigd wegens gebrek aan een deugdelijke medische grondslag en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen.