ECLI:NL:CRVB:2005:AU1219
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende gemotiveerde keuze maatmanfunctie in WAO-uitkeringsbesluit
Appellante, arbeidsongeschikt verklaard met een mate van 25-35%, betwistte de keuze van de maatmanfunctie en de arbeidskundige beoordeling door het UWV. De rechtbank vernietigde het primaire besluit wegens onvoldoende motivering van de overschrijding van belastbaarheid bij een functie. Het UWV nam daarop een nieuw besluit dat de arbeidsongeschiktheid verhoogde naar 35-45%, maar ook dit besluit werd aangevochten.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt het oordeel van de rechtbank dat de keuze van de maatmanfunctie door het UWV ondeugdelijk is gemotiveerd. Hoewel appellante het opleidingsniveau voor haar laatste functie heeft en deze functie passend is, werd dit door het UWV niet erkend. De Raad vernietigt daarom ook het tweede besluit en beveelt het UWV een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen.
De medische beoordeling van de beperkingen, waaronder stress, longklachten en nekklachten, werd door de Raad niet betwist. De Raad wijst ook op het ontbreken van voldoende duidelijkheid over de relevante inkomensbestanddelen van de maatmanfunctie. De Raad veroordeelt het UWV tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Besluiten over WAO-uitkering vernietigd wegens ondeugdelijke motivering maatmanfunctie; nieuw besluit op bezwaar vereist.