ECLI:NL:CRVB:2005:AU1375
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering na maandloonvergelijking
Appellant, een productiemedewerker, meldde zich ziek wegens rugklachten en vroeg een WAO-uitkering aan. Het UWV weigerde deze uitkering na de wettelijke wachttijd, wat door de rechtbank werd vernietigd vanwege een onjuiste loonvergelijking. Na toepassing van de juiste maandloonvergelijking handhaafde het UWV de weigering.
Appellant stelde dat het UWV zich baseerde op verouderde medische gegevens en dat nieuw onderzoek achterwege was gelaten, waardoor het besluit onzorgvuldig was. De Raad oordeelde echter dat de medische beoordeling reeds door de rechtbank was bevestigd en geen nieuw onderzoek vereist was.
De Raad stelde vast dat het verlies aan verdiencapaciteit minder dan 15% bedroeg, wat rechtvaardigt dat appellant geen WAO-uitkering ontvangt. Het hoger beroep werd afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering op basis van een correcte maandloonvergelijking.