ECLI:NL:CRVB:2005:AU1452
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering ziektewetuitkering wegens geschiktheid directeur/manager
Appellant, voormalig directeur, meldde zich ziek wegens vermoeidheid en concentratiestoornissen en kreeg een uitkering op grond van de Werkloosheidswet. Na een hartinfarct in februari 2001 werd hij door verzekeringsartsen geschikt bevonden voor werk als directeur/manager en werd de ziektewetuitkering per 1 september 2001 beëindigd.
Appellant voerde aan dat hij door een ernstige depressie ongeschikt was voor zijn werkzaamheden. Een nieuw psychiatrisch rapport van prof. dr. A.H. Schene bevestigde dat appellant op 1 september 2001 nog niet voldoende hersteld was om als directeur/manager te werken.
De Raad volgt het oordeel van deze onafhankelijke deskundige en vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank die het besluit in stand hield. De zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit op bezwaar, en het betaalde griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het Uwv moet een nieuw besluit nemen, met vergoeding van het griffierecht.