ECLI:NL:CRVB:2005:AU1480
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen intrekking WAO-uitkering als primair besluit
Appellant ontving sinds 1989 een WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 15 tot 25%. Na een herbeoordeling in 1999 en een vervolgonderzoek in 2001 werd de uitkering per 15 april 2002 ingetrokken omdat appellant minder dan 15% arbeidsongeschikt werd geacht. Appellant stelde dat het intrekkingsbesluit onderdeel was van een bezwaarprocedure en dat beroep tegen dit besluit mogelijk moest zijn.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat het intrekkingsbesluit een primair besluit is waartegen eerst bezwaar moet worden gemaakt. De Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak en oordeelde dat het besluit zowel naar vorm als inhoud een primair besluit is. Hierdoor was het beroep terecht niet-ontvankelijk verklaard.
De Raad liet daarmee ook onbesproken of de intrekking op voldoende medische en arbeidskundige gronden berustte en of het verzoek van appellant om verhoging van de uitkering adequaat was behandeld. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De uitspraak werd in het openbaar uitgesproken op 19 augustus 2005.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de WAO-uitkering is niet-ontvankelijk verklaard omdat het besluit een primair besluit is waartegen eerst bezwaar moet worden gemaakt.