ECLI:NL:CRVB:2005:AU1810
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. ’t Hooft
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging individuele vervoerskostenvergoeding en invoering collectief vervoerssysteem
Appellant, met een handicap en mobiliteitsproblemen, ontving een forfaitaire tegemoetkoming voor vervoer met de eigen auto op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg) en een gemeentelijke verordening. Het gemeentebestuur van Sint-Oedenrode besloot per 1 mei 2002 een collectief vraagafhankelijk vervoerssysteem (cvv) in te voeren en het systeem van individuele vervoerskostenvergoedingen in drie jaar af te bouwen.
Gedaagde beëindigde bij besluit van 30 januari 2002 de bestaande vergoeding en stelde dat appellant gebruik kon maken van het cvv. Het bezwaar van appellant tegen dit besluit werd ongegrond verklaard, waarna ook de rechtbank het beroep afwees. Appellant ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad overwoog dat het advies van Argonaut B.V., gebaseerd op dossierstudie, huisbezoek en lichamelijk onderzoek, concludeerde dat appellant gebruik kan maken van het cvv mits voldoende beenruimte aanwezig is en de chauffeur hulp verleent bij in- en uitstappen. Appellant leverde geen medische stukken aan die dit tegenspraken. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat de beëindiging van de individuele vergoeding terecht is.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot beëindiging van de individuele vervoerskostenvergoeding en de invoering van het collectief vervoerssysteem.