ECLI:NL:CRVB:2005:AU1823
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.L.M.J. Stevens
- J.G. Treffers
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag WUV-uitkering wegens ontbreken vrijheidsberoving tijdens Japanse bezetting
Eiser, geboren in 1939 in het voormalige Nederlands-Indië, vroeg in juni 2003 een WUV-uitkering aan op grond van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945. Hij stelde dat zijn vader, KNIL-militair, tijdens de Japanse bezetting gevangen was genomen en dat hijzelf met zijn moeder en broers in moeilijke omstandigheden in Bandoeng verbleef.
Verweerster wees de aanvraag af omdat niet was aangetoond dat eiser van zijn vrijheid was beroofd of vervolgd op grond van Europese afkomst of gezindheid, zoals vereist in de Wet. Uit het dossier en aanvullend onderzoek bleek dat eiser en zijn moeder niet geïnterneerd waren in een erkend interneringskamp met levensbedreiging of permanente bewaking.
De Raad concludeerde dat de omstandigheden waarin eiser de oorlogsjaren doorbracht niet voldeden aan de definitie van vervolging zoals bedoeld in de Wet. Ook was er geen reden om de hardheidsclausule toe te passen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de afwijzing van de WUV-uitkering gehandhaafd.
Uitkomst: De aanvraag voor een WUV-uitkering wordt afgewezen omdat niet is aangetoond dat eiser tijdens de Japanse bezetting van zijn vrijheid is beroofd of vervolgd.