ECLI:NL:CRVB:2005:AU1996
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens overschrijding bezwaartermijn in WAO-uitkeringszaak
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van 30 oktober 2002 waarin zijn WAO-uitkering werd herzien en verlaagd. Dit bezwaar werd door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke bezwaartermijn van zes weken.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was. Appellant voerde onder meer taalproblemen aan, maar het primaire besluit was ook in het Turks verzonden en de correspondentie was op zijn verzoek zelfs in het Duits opgesteld.
De Centrale Raad van Beroep sluit zich aan bij de motivering van de rechtbank en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar. Er zijn geen omstandigheden aanwezig die toepassing van artikel 8:75 Awb Pro rechtvaardigen. Het hoger beroep wordt daarom verworpen.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het WAO-besluit is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.