ECLI:NL:CRVB:2005:AU2534
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Weigering WAO-uitkering wegens geschiktheid voor eigen werk bij andere werkgever
Appellant, werkzaam als allround timmerman, vroeg een WAO-uitkering aan wegens arbeidsongeschiktheid na uitval met psychische klachten. Het UWV weigerde de uitkering omdat appellant medisch gezien geschikt werd geacht zijn eigen werk bij een andere werkgever te verrichten. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel.
De medische beoordeling door verzekeringsartsen concludeerde dat appellant ondanks fysieke en psychische beperkingen geschikt was voor zijn eigen functie elders. De arbeidsdeskundige stelde dat appellant zijn eigen werk nog kon doen, maar dat hij voor andere functies ongeschikt was. Appellant voerde psychische beperkingen aan en betwistte de beoordeling, maar leverde geen aanvullende medische stukken.
De Raad vond het medisch onderzoek zorgvuldig en voldoende, zag geen noodzaak voor aanvullend onderzoek en vond de arbeidskundige beoordeling adequaat. Ook de stelling dat het loon elders lager zou zijn, werd niet onderbouwd. De Raad concludeerde dat appellant voldoet aan de criteria voor geschiktheid voor eigen werk en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering omdat appellant geschikt wordt geacht zijn eigen werk bij een andere werkgever te verrichten.