ECLI:NL:CRVB:2005:AU2923
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering naar 15-25% arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) tot herziening van zijn WAO-uitkering. De uitkering was eerder vastgesteld op een arbeidsongeschiktheid van 80-100%, maar werd bij het bestreden besluit herzien naar 15-25% met ingang van 6 februari 2002.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat de beoordeling van arbeidsongeschiktheid moet plaatsvinden op basis van objectieve medische criteria, waarbij de subjectieve klachten van appellant niet doorslaggevend zijn. Het medisch onderzoek waarop het besluit is gebaseerd, is toereikend bevonden, ondanks het ontbreken van een uitgebreid lichamelijk onderzoek, omdat voldoende medische gegevens beschikbaar waren.
Appellant heeft geen objectieve medische gegevens aangeleverd die twijfel zaaien over de juistheid van de conclusies van de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts. Ook is geen reden gezien om een externe medische deskundige te benoemen. De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat de belastbaarheid van appellant niet is overschat en wijst het beroep af.
De Raad bevestigt daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Tevens wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 15-25% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.