ECLI:NL:CRVB:2005:AU3016
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens niet nakomen verschijningsplicht
Appellant ontving een bijstandsuitkering en werd meerdere malen opgeroepen om te verschijnen bij de gemeente Maastricht in het kader van een onderzoek. Ondanks uitnodigingen op 25 september, 3 oktober, 11 oktober en een laatste oproep op 22 oktober 2002, verscheen appellant niet.
De gemeente trok daarop het recht op bijstand in met ingang van 3 oktober 2002, op grond van artikel 69 van Pro de Algemene bijstandswet (Abw). Appellant maakte bezwaar, maar dit werd ongegrond verklaard door de rechtbank en vervolgens bevestigd door de Centrale Raad van Beroep in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende medewerking heeft verleend en dat het ontbreken van financiële middelen geen geldig excuus is, aangezien hij aanspraak maakte op de uitkering. Ook het beroep op dringende redenen om intrekking te voorkomen faalde, omdat geen onaanvaardbare sociale of financiële consequenties waren aangetoond.
De Raad bevestigde daarmee het besluit tot intrekking van de bijstandsuitkering en wees een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wegens het niet verschijnen op oproepen wordt bevestigd.