ECLI:NL:CRVB:2005:AU3207
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijstandsuitkering wegens onduidelijkheid hoofdverblijf
Appellant, afkomstig uit Sierra Leone, vroeg op 26 september 2003 bijstand aan bij het College van burgemeester en wethouders van Nijmegen en gaf daarbij een adres op waar hij zou verblijven. Gedaagde weigerde de uitkering op grond van twijfel over het feitelijk hoofdverblijf van appellant. Na diverse onaangekondigde huisbezoeken waarbij appellant steeds werd aangetroffen op het opgegeven adres, bleef onduidelijk of hij daar daadwerkelijk woonde. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat de onderzoeksbevindingen onvoldoende zijn om te concluderen dat appellant niet op het opgegeven adres woonde. De Raad benadrukt dat bij twijfel nader onderzoek had moeten plaatsvinden en dat de beperkte taalvaardigheid van appellant mogelijk een rol speelde in de communicatie.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de voorzieningenrechter en bepaalt dat gedaagde een nieuw besluit op bezwaar moet nemen, rekening houdend met deze uitspraak. Tevens wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de bijstandsuitkering wordt vernietigd en gedaagde moet een nieuw besluit nemen.